In de lijdende vorm (passive) is het onderwerp niet de dader; het ondergáát de handeling. Je gebruikt hem als de dader onbelangrijk, onbekend of vanzelfsprekend is.
De truc voor álle tijden: kies de vorm van 'to be' die bij de tijd hoort — het voltooid deelwoord blijft hetzelfde. Deze set mixt alle tijden door elkaar.
Vorm
vorm van 'to be' (juiste tijd) + voltooid deelwoord
Alleen 'to be' verandert
Het deelwoord blijft gelijk; de tijd zit in 'to be'.
- present: is/are built
- past: was/were built
- continuous: is being built
- perfect: has been built
- future: will be built
Van actief naar passief
Het lijdend voorwerp wordt onderwerp; de dader komt achter by.
- Active: Shakespeare wrote this play.
- Passive: This play was written by Shakespeare.
Let op Bepaal eerst de tijd van de zin; kies dán de juiste vorm van 'to be'.