Na 'will' en na een modaal hulpwerkwoord (can, could, must, should, may) gebruik je altijd 'be' + voltooid deelwoord.
Het hulpwerkwoord bepaalt de betekenis; 'be + deelwoord' blijft gelijk.
Vorm
will be / can be / must be ... + voltooid deelwoord
Toekomst met will
- A new hospital will be built.
- The results will be announced.
Met een modaal
- This can be solved.
- It must be finished.
- Rules should be followed.
Verleden gok: may have been
- It may have been broken by the storm.
Let op Na een modaal komt altijd het hele 'be': will be done (niet 'will done').