← Inhoudsopgave

Grammatica · toets

Voorzetsels van tijd

Beantwoord alle 10 vragen en lever in. Geen hints, geen tussentijdse feedback — net als bij een echte overhoring.

  1. 1Uitleg
  2. 2Oefenen
  3. 3Toets
Vraag 1

The meeting is       3 o'clock.

Vraag 2

My birthday is       June.

Vraag 3

We meet       Monday.

Vraag 4

I get up early       the morning.

Vraag 5

He was born       2008.

Vraag 6

The party is       Saturday.

Vraag 7

I'll see you       night.

Vraag 8

School starts       8:30.

Vraag 9

It's cold       winter.

Vraag 10

We're closed       25 December.

Je antwoorden worden nagekeken op de server.