← Inhoudsopgave

Woordenschat · leerlijst

Woordenschat — Op school

  1. 1Leerlijst
  2. 2Oefenen
  3. 3Toets

Vertaal naar het Engels. Een lidwoord mag je weglaten; let op de spelling.

Leerlijst — Nederlands → Engels

de leraar / lerares
teacher
de leerling
pupil / student
het klaslokaal
classroom
het huiswerk
homework
het cijfer
grade / mark
de toets / het proefwerk
test
de pauze
break
het rooster
timetable / schedule
het vak (schoolvak)
subject
het potlood
pencil
de gum
eraser / rubber
de les
lesson
het boek
book
het schrift
notebook / exercise book
de pen
pen
het antwoord
answer
de vraag
question
het voorbeeld
example
het woord
word
de regel (zin)
sentence

Zo leer je Dek de Engelse kant af en overhoor jezelf. Ga daarna oefenen en herhaal de woorden die fout gingen — let op de spelling.