← Inhoudsopgave

Werkwoorden · oefenmodus

Onregelmatige werkwoorden · Niveau 2

Nu allebei: de verleden tijd (past simple) én het voltooid deelwoord (past participle). Het voltooid deelwoord gebruik je na have/has — bijvoorbeeld 'I have seen'. Lees eerst de uitleg →

  1. 1Uitleg
  2. 2Oefenen
  3. 3Toets

0 / gekend